Op niet melkleverende rundveebedrijven worden de bloedmonsters voor de bewaking van de leukose, leptospirose- en IBR-vrije status, aan de slachtlijn genomen. Daarmee vervalt de monstername op het bedrijf. De GD en slachterijen zorgen er samen voor dat de vereiste aantallen runderen worden bemonsterd. Veehouders hebben daar geen omkijken meer naar. In de toekomst zal bloedafname aan de slachtlijn, ook voor verschillende andere gezondheidsprogramma’s mogelijk worden.
Informatie voor veehouders
Met de nieuwe manier van monstername komen de GD en slachterijen tegemoet aan de wensen van de veehouderij. In de informatiebrochure vindt u de achtergronden van de regeling, alsmede de werkwijze en de tarieven. In het overzicht van deelnemende slachterijen vindt u welke slachterijen en slachthuizen bloedafname aan de slachtlijn mogelijk is.
Informatie voor slachterijen
Slachterijen komen graag tegemoet aan de wens van veehouders. In de informatiebrochure leest u over hun motivatie en de verwerking van de monsters.
Diergezondheidsprogramma’s
Monstername in de slachterijen is vooralsnog alleen mogelijk voor de bewaking van de leukose, leptospirose- en IBR-vrije status. Hierop is het reglement van beide programma’s uitgebreid. De verwachting is dat straks meer programma’s worden uitgebreid met deze wijze van monsters nemen.
Vragen
In de rubriek veelgestelde vragen vindt u een overzicht van veelgestelde vragen over onder andere leukose, IBR- en Leptospirose-vrij certificering, met antwoorden. Heeft u meer vragen, dan kunt u altijd contact opnemen met de GD, tel 0900 - 1770.